woensdag 26 augustus 2015

Stichting Robin Hood


Overdenkingen bij ontwikkelings”hulp”

Andere cultuur
In Gambia hebben de mensen geen sociale voorzieningen. Er is daarentegen wel meer betrokkenheid met elkaar. Zij helpen elkaar en staan nooit alleen als er hulp nodig is. Alles wordt gedeeld, uitgeleend of weggegeven. Aan materiële zaken zoals kleding, fietsen, auto’s  worden emotioneel gezien niet,  zoals wij die in de westerse wereld kennen, een eigendomsrechten toegekend. 
Wanneer je als enige een baan hebt binnen een familie of leefgemeenschap, dan ben  je echt “de sigaar”. Iedereen komt gezellig langs voor hulp, zoals medicijnen, dokterskosten, ziekenhuiskosten en eten. Desondanks  zijn de mensen hier niet ontevreden over. Ze zijn blij dat ze iets voor elkaar kunnen betekenen.
Wij hier zijn individualistisch ingesteld, waardoor we er niet vaak bij stilstaan dat wij dit in de westerse wereld ook doen. Wij voorzien hierin door middel van de sociale voorzieningen die wij betalen.    
Er zijn situaties bekend waarbij o.a Europeanen menen de typisch Gambiaanse mentaliteit te moeten  veranderen.


Voorbeeld 1

Een Nederlandse vrouw gaf een fiets aan een Gambiaanse man zodat hij daarmee naar zijn werk kan fietsen. Zij eiste hierbij wel dat de fiets aan niemand uitgeleend mag worden uit angst dat de fiets niet meer terug zou komen. De man maakte geen gebruik van de fiets. Deze bleef thuis staan,  je kunt het  in Gambia niet maken om je mede mensen te weigeren wanneer hij of zij hulp nodig heeft.  Zij hebben elkaar nodig. Geleende fietsen komen echt wel terug bij de eigenaar in Gambia.
De gift van deze vouw is zonder meer goedbedoeld.  Je zou kunnen uitleggen dat deze fiets is gegeven om het geld  dat anders nodig is voor de bustaxi maar nu gespaard kan worden. Wanneer deze man het bedrag 3 maanden lang opzij had gelegd  dan zou hij een extra maandsalaris overhouden. Op deze wijze verbind je twee culturen en heeft aldus succes op lange termijn. Ja, één derde wordt besteedt aan reiskosten, dit geeft ook aan dat de verhouding tussen inkomen en kosten in Gambia  een andere balans weergeeft dan in Nederland. 

Voorbeeld 2
Een Gambiaanse man kreeg een lening van een Nederlander om een auto te kopen zodat hij zichzelf zou kunnen bedruipen als taxichauffeur. De inkomsten door middel van deze taxi werd door de geldschieter gecontroleerd op inkomsten en uitgaven, zodat deze er zeker van kon zijn dat er geen geld aan de familie werd gegeven. Het uitgeleende geld zou dan sneller worden afgelost. Deze denkwijze zorgt voor een groot dilemma bij de Gambiaan. Hij onderhoudt zijn ouders en zorgt voor zijn jongste broertje voor schoolgeld. Zijn ouders hebben geen inkomsten.
De man was daarom genoodzaakt om geld achter te houden. De man ging daarom liegen tegen de geldschieter, óf hij moest liegen tegen zijn ouders.  Hij wilde de ontvangen hulp noch de aan de ouders en broertje mogelijk geworden hulp niet missen. Daardoor ontstond wantrouwen jegens elkaar en het werd al snel “oorlog”.

Wanneer de geldschieter de Gambiaanse cultuur zou respecteren  zou hij kunnen  adviseren 25% van de  inkomsten te delen en de rest zelf te houden voor het werken aan de toekomst. Dit is overigens wel een moeilijke taak voor de meeste Gambianen aangezien men in hun cultuur, lees armoede, alles al snel uitgeeft. De mensen van het Robin Hood kantoor kunnen hen adviseren binnen de 25% regeling en gedurende één jaar inzicht hebben in en controle houden over de inkomsten en uitgaven.

Alieu Saywer, de hoofdleraar van de Thomas Nursery School in Bansang, is samen met zijn zus de eigenaar van een stuk grond. Meestal is dit een familiebezit dat van vader op zoon wordt doorgegeven. Zij hebben dit geschonken aan het dorp om hier een school op te bouwen. Zo heeft het hele dorp er iets aan. Niet alleen de mensen in Bansang zijn hier blij mee maar ook de twee studenten die in Bansang zijn geweest om ervaringen op te doen voor hun eigen toekomst in Nederland hebben hier gebruik van kunnen maken.


Kunt u zich nog herinneren wat u van uw eerste verdiende loon gekocht heeft en welk gevoel dit gaf?  Vast wel!  
In Gambia hebben niet veel mensen deze ervaring. Het geld dat zij verdienen is nauwelijks genoeg om van te eten en wordt gedeeld met mensen die geen inkomen hebben. Alieu had deze ervaring en het zou goed zij als dit vaker mogelijk zou worden.
De twee studenten die in 2014 naar Bansang zijn gegaan voor 3 maanden om ervaring op te doen voor hun toekomst wilde zo goedkoop mogelijk daar verblijven.
Alieu heeft aangeboden om zijn vrouw voor hen te laten koken,  3 maal per dag voor de prijs van € 0.90  per maaltijd en tevens zou daarvoor ook de kleding worden gewassen en gestreken. Dat is erg goedkoop voor deze studenten, wanneer ze thuis zouden  blijven zijn deze kosten veel hoger. De studenten hebben dit bedrag in één keer betaald. Met dit bedrag van € 540.00 konden Alieu en zijn vrouw rijst, olie en meerdere ingrediënten inslaan.  Van het verdiende geld heeft Alieu een ijskast kunnen kopen voor de school. 
Nee geen 2e hands maar een nieuwe uit de winkel.

Het was een geweldige ervaring voor Alieu en zijn vrouw en natuurlijk ook voor de omringende bewoners en ouders van de kinderen, die allemaal mee hebben gewerkt aan de maaltijden voor Angela en Michelle op de Thomas Nursery school.

Het zou vaker voor moeten komen dat de mensen in Gambia geld krijgen voor het werk dat ze doen. Wanneer mensen het doel hebben om in Gambia te helpen is dat ook hun eigen doel om vooruit te komen en zich te ontwikkelen in vaardigheden die zij zelf kiezen. En dat eigen doel van deze studenten zouden de straatarme Gambianen niet voor hen moeten betalen!  
Uit de vorige mail weet u dat we veel hebben gedaan voor de landbouw. De man die zich sterk maakt voor het landbouw project wil studenten (10) uit Nederland laten komen en heeft hen gratis eten aangeboden die de bewoners in Gambia dan moeten ophoesten. Dit gaat om een bedrag van € 2.700,= die dan weer uit het land worden gehaald. Bovendien zijn er ook studenten in Gambia die iets willen leren maar op deze manier de kans niet krijgen. Terwijl de man beweert het land te willen ontwikkelen…

Tot slot:
Dit is de eerste uitgave van onze nieuwe serie Overdenkingen bij Ontwikkelings”hulp”.
Het moge duidelijk zijn dat hulp die opgelegd wordt, hoe goed bedoeld ook, ook heel contra-productief kan werken. Aan de Gambiaanse mensen eisen te stellen die haaks staan op de cultuur die van hen is. Al vaak genoeg is gebleken dat binnen hun eigen werkwijze de oplossingen voor veel maatschappelijke “problemen” bijna als vanzelf in hun cultuur zijn opgenomen.

Het  primaire doel van onze stichting is het de mensen in Gambia mogelijk te maken om op een geleidelijke manier eindelijk een rechtvaardig inkomen kunnen verwerven zodat zij (eindelijk) zelf in hun primaire levensbehoeften kunnen voorzien.
Mede door de ervaringen die zij hierdoor opdoen kunnen deze Gambiaanse mensen de groei doormaken die voor elk mens ontzettend belangrijk is. Het besef om zélf een bijdrage te kunnen leveren aan een groeiende welvaart van hun mooie kleine land is daarbij de grootste verdienste.

Tot de volgende brief met   Overdenkingen bij Ontwikkelings”hulp”!

Met een hartelijke groet,

Stichting Robin Hood

Klaartje van der Aa







2 opmerkingen:

  1. Zo had ik het nog nooit bekeken. Dit zijn dingen die heel moeilijk te veranderen zijn denk ik.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Ieder zijn cultuur zie je dan maar weer. Helaas is het voor ons nog altijd heel moeilijk om die klik te maken en het nut ervan in te zien soms. En natuurlijk wil iedereen die geld wil geven, weten of zien dat het goed besteed wordt en niet verkeerd terecht komt.
    Grtjes, rita.

    BeantwoordenVerwijderen

LinkWithin

Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...